Bijenteelt

  • Bestrijdingsadvies Varroa 2018

    U kan het volledig advies vinden op http://www.afsca.be/bijenteelt/dierengezondheid/_documents/2018-01-23_Varroabestrijdingsadvies2018_DEF.pdf

    Wat betekent dit voor de imker:

    Er zijn voor 2018 zes medicamenten vergund. Drie op basis van thymol, één op basis van flumethrine en twee op basis van oxaalzuur. Ze zijn alle zes vrij verkrijgbaar in de apotheek of bij de dierenarts. Dat betekent dat er geen voorschrift meer nodig is van een dierenarts. Prima gedaan zult u zeggen. Helaas...

    Als dierenarts kan ik bijgevolg het cascadesysteem niet meer toepassen voor oxaalzuur. We zijn praktisch verplicht om het vergunde preparaat aan te leveren. Volgens de bijsluiter van Api-Bioxal kon het product ook worden gesublimeerd. Het product Oxuvar echter kan niet worden gesublimeerd en bijgevolg zal sublimatie ook niet meer mogelijk zijn in 2018. Hopelijk krijgen we in december 2018 voldoende koude temperaturen om te druppelen...

    Een tweede bedenking is het feit dat de geneesmiddelen die vrij zijn van voorschriftplicht niet worden bijgehouden in een register. Er bestaat hier namelijk geen enkel papierbewijs van. Hoe is dit te rijmen met het opstarten van een bedrijfsbegeleiding door dierenartsen? Waarom de kostbare bedrijfsbegeleiding van een dierenarts aanvragen (én de steun van 75 euro) als je oxaalzuur toch vrij kan afhalen in de apotheek?

    Vandaag deed ik even een test: Oxuvar en VarroMed zijn volledig onbekend bij mijn leveranciers. Een bezoek aan een lokale apotheek leverde ook niks op. Niet te verkrijgen! En vermits deze producten niet in de computer zitten van de apotheek, zijn ze ook niet te bestellen. Nu zullen ze vermoedelijk wel in de toekomst te verkrijgen zijn, maar welke indruk geeft dit? Gaat VarroMed te verkrijgen zijn voor de voorjaarsbehandeling zoals ze wordt geadviseerd? Ik zet in elk geval mijn bedrijfsbegeleiding voor imkers even 'on hold'. Ik zou me toch maar belachelijk maken. Voorlopig.

  • 10 februari 2018

    WIN_20180210_19_29_19_Pro.jpg

    Na de koudste dag weer een mooi zonnetje en de bijen laten zich weer zien.

    De knotwilgen zijn geknot en de schapen zijn ook druk bezig geweest met hun job. Ze helpen namelijk bij de recyclage van de wilgentenen. Als ze deze hebben 'geschild', gebruik ik ze langs de perceelsgrens om een takkenmuur te maken.

    DSC_0133.jpg

    Tussen de winterwerkjes door nemen we toch even tijd om te rusten. De dikkere wilgentakken worden op deze manier gerecycleerd.

    DSC_0134.jpg

    En ondertussen hebben we een mooi uitzicht op de voederplaats voor de vogeltjes.

    DSC01405.jpg

    DSC01413.jpg

    DSC_0130.jpg

    Het valt wel op dat de vogels al bezig zijn met het vormen van koppeltjes. Ze zijn al vaker op te merken in duo's zoals de kraaien in deze boom.

    Maar we waren natuurlijk weer aan het Waterbroek om wat op te ruimen en de afwateringsgracht tussen de percelen heb ik ook weer opengemaakt.

    DSC_0131.jpg

    DSC_0132.jpg

     

  • 7 februari 2018

    WIN_20180207_18_35_18_Pro.jpg

    De bijen zitten weer op tros. Bij controle bleek dat de drie kasten die nog geen deeg hadden bijgekregen, dat nog steeds niet nodig hebben. Van de overige 11 kasten waren er slechts drie waar zichtbaar aan de suiker was gegeten. Volgende week dus weer controle. Even het deksel oplichten en door het dekplastic kijken naar het pak deeg kan natuurlijk steeds zonder gevaar voor het bijenvolk. En als ze een nieuw pak deeg nodig hebben, is het oplichten van het plastic ook het minst kwade.

    DSC_0121.JPG

    Er zijn toch stilaan planten die in de war zijn gebracht door de warme januarimaand. Enkele struiken van de meidoorn zijn begonnen met het ontvouwen van hun blaadjes.

    DSC_0127.JPG

    De laatste dagen zie ik de familie reeën ook weer regelmatig. Een mooie bok en twee hindes.

    DSC_0125.JPG

    Tijdens de wintermaanden, als de bomen zonder bladeren zijn en het zicht optimaal, neem ik steeds mijn kijker mee. Koolmezen, pimpelmezen, vinken, kepen, groenvinken, putters, roodborstjes, winterkoninkjes, staartmezen, groene en middelste bonte spechten, boomklevers, houtduiven, kraaien, gaaien. Ik zie ze dagelijks. En dank zij de voederstand ben ik niet bevreesd dat ze de bijenvolken lastig vallen. Op 9 jaar heb ik nog nooit schade ondervonden aan de houten bijenkasten. De enige beperking die ik mezelf heb opgelegd door ervaring is de volgende: In de schapenstal staan tijdens de wintermaanden geen bijenkasten meer. De stal is opgedeeld en de schapen kunnen niet aan de kasten, maar door het rumoer verbruikten de volken in deze stal duidelijk veel meer wintervoer. Ik gebruik de schapenstal nog alleen voor de jonge volken tijdens de zomer en de productievolken hebben een nieuw afdakje gekregen, afgescheiden van de schapen.

    DSC_1841.JPG

  • 31 januari 2018

    Gisteren vlogen de bijen voor alle kasten. En ze vlogen alsof het half maart was. Alleen hun thuiskomst was anders. Slechts een enkele bij had stuifmeel bij. Felgeel van enkele krokusjes op 100 meter.

    DSC_0116.jpg

    DSC_0117.jpg

    Ik heb ook even de hazelaars bekeken, maar die lossen nog maar weinig stuifmeel. Vermoedelijk is de luchtvochtigheid nog te hoog. Een droog windje hebben we nodig en dan zullen ze er wel aan beginnen. Bij de elzen en de esdoorns hetzelfde verhaal.

    Vermits er voor volgende week weer koude wordt voorspeld met nachtvorst, gaan de bijen dan wel weer op tros. Toch zal ik dit weekend al terug controle doen op de voederhoeveelheid. Even door het plastic gluren of het pak bijna leeg is. En wellicht gaan de drie kasten zonder deeg er nu ook eentje nodig hebben. Na een weekje zacht weer hebben ze wellicht veel verbruikt, terwijl ze dan volgende week weer minder verbruiken. Het voer dient op voorhand te worden gegeven en niet tijdens of na een hongerperiode.

    Als dit weer aanhoudt in februari verwacht ik binnen enkele weken de eerste dode larven op de vliegplank. Alleen met suikers kan een volk niet overleven. Voor de larven is er tevens behoefte aan eiwitten. Eiwitten van het stuifmeel. Hebben ze hier niet meer voldoende van, zullen ze een deel van het broed opgeven en niet meer verzorgen. Een gezond bijenvolk moet op deze manier abnormale periodes kunnen overleven. Het is slechts de imker die dan met een kleinere honingopbrengst dient tevreden te zijn. We houden de vinger aan de pols.

  • 26 januari 2018

    Vandaag heb ik de Warrékast in de tuin geopend. Zoals ik al wist, was de kast compleet leeg maar met met een ganse bak honing. Dit was mijn laatste Warré-of ecokast. Ze was opgestart in juli 2014 met een kunstzwerm en een apideakoningin. Elk jaar gaf ze een zwerm af: op 2 juni 2015, op 13 mei 2016 en op 29 mei 2017. Eén heb ik weggegeven voor een segenbergerkast en de andere heb ik zelf in een Kempische kast gezet. Ze doen het allemaal prima. Wat varroabehandeling betreft: Op 8 december 2015 heb ik oxaalzuur gesublimeerd met een varoxverdamper. Het volgende jaar is de kast behandeld op 3 september 2016 met mierenzuur in een universeelverdamper. Ook op 12 augustus 2017 is er weer een universeelverdamper met mierenzuur gebruikt. Alleen op 5 juni 2016 is er een bak honing afgehaald.

    Wat is nu het resultaat van deze ecokast? De ecokast behoeft weinig interventies, maar een honingoogst van 8 kg van juli 2014 tot januari 2018 is te triestig om een honingoogst te noemen. Weliswaar zit de bovenbak momenteel  nog vol lekkere honing en die zal ik ook nog oogsten maar een eindresultaat van 16 kg is nog te weinig op 3 jaar. En dan bedoel ik te weinig voor eigen gebruik. Mijn eigen verbruik ligt op 12 kg per jaar. Dat is natuurlijk op te lossen met drie ecokasten, maar evenzeer met een halve Kempische kast.

    Tweede probleem is het feit dat de kast na het derde jaar werd verlaten. Er is duidelijk te weinig behandeld tegen de varroamijt. Slechts één behandeling per jaar en een broedloze periode na elke zwerm. Er kan geen darrenbroed worden gesneden in de ecokast met zijn natuurbouw.. Een tweede behandeling tegen de varroamijt met zuren is ook niet gebeurd. Dit vind ik namelijk niet kunnen vermits er op elk moment volop honing aanwezig is die later eventueel zelf wordt geconsumeerd.

    De Warrékast is vermoedelijk prima voor meer zuidelijke streken. In Vlaanderen is het volk gewoon te klein om voldoende te produceren. Wat wel de moeite waard kan zijn, is de productie van propolis. Het vliegengaas op de bovenbak kan namelijk gemakkelijk jaarlijks worden vervangen en deze propolis is van een zeer zuivere kwaliteit.

    In de plaats van de ecokast komt dus dit voorjaar één van mijn Kempische kasten om mijn eigen tuin van bijen te voorzien. Wordt vervolgd.

  • 25 januari 2018

    Vijf dagen geleden zaten alle volken nog op gewicht, maar de hoge temperaturen hebben hun werk gedaan. Van de 14 volken hebben er 11 een pak deeg nodig. Normaal bereiken de volken deze toestand pas eind februari. Rond de bijenstand heb ik nog geen bloeiende hazelaars aangetroffen. Blijkbaar heb ik een latere soort dan op sommige andere plaatsen waar de katjes al wel felgeel oplichten. Maar meestal betreft het dan solitaire struiken aan een bosrand of langs een drukke weg waar het wellicht nog enkele graden warmer is. Ik ben benieuwd of er nog een koudeperiode volgt. Het zou de bijen alvast veel voedselverbruik besparen. Suikerdeeg kan ik wel bijgeven, maar het broodnodige verse stuifmeel voor het aangezette broednest wordt dit voorjaar wellicht de beperkende factor.

  • 21 januari 2018

    Even de ontluikende wilgenkatjes gefotografeerd:

    DSC01364.jpg

    DSC01381.jpg

    Ik heb de voorbije maand 175 waswafels gegoten op Kempisch formaat. Mocht dit niet volstaan, kan ik er later nog wel wat gieten. In het voorjaar krijgen de volken nieuwe waswafels bij het uithalen van het overschot aan voederramen. Ze krijgen ook enkele nieuwe waswafels bij het maken van de broedafleggers. Deze broedafleggers krijgen dan ook voortdurend nieuwe waswafels en in juli vervang ik broedramen door waswafels om volken broedloos te maken.